Eindejaartips privé: Box 3 – forfaitair of werkelijk rendement?

Aan het einde van het jaar is het altijd verstandig om even stil te staan bij je financiële situatie. In deze serie eindejaartips privé zetten we de belangrijkste aandachtspunten voor je op een rij. Eén daarvan is de belastingheffing in box 3: hoe wordt je vermogen belast, en kun je beter kiezen voor het forfaitaire rendement of juist het werkelijke rendement?

Box 3 in 2026: veranderingen op komst

In 2026 verandert er opnieuw veel in box 3. Het heffingsvrij vermogen daalt van € 57.684 naar € 51.396. Tegelijkertijd stijgt het forfaitaire rendement op overige bezittingen van 5,88% naar 7,78%. Daardoor gaan veel mensen met overige bezittingen meer belasting betalen.

Met de tegenbewijsregeling kun je aantonen wat je werkelijk aan rendement hebt behaald. Is dat lager dan het forfaitaire rendement, dan krijg je de te veel betaalde belasting terug. Het nieuwe box 3-stelsel – waarbij standaard wordt uitgegaan van het werkelijke rendement – wordt overigens pas in 2028 ingevoerd.

Wanneer kun je het werkelijke rendement opgeven?

Heb je in de jaren 2017 t/m 2020 geen of niet tijdig bezwaar gemaakt tegen de box 3-heffing? Dan kun je nu nog geen correctie aanvragen via het formulier Opgaaf werkelijk rendement. Mogelijk verandert dit na de uitspraak in de procedure Massaal bezwaar plus; de Belastingdienst informeert je dan automatisch.

Valt de datum van je definitieve aanslag op of na 12 november 2021? Dan mag je het formulier alleen invullen als je tijdig een verzoek tot ambtshalve vermindering hebt ingediend.

Tip: Voor het jaar 2020 kan dat nog tot en met 31 december 2025. Voor 2021 en latere jaren hoef je geen bezwaar te hebben gemaakt. De Belastingdienst stuurt automatisch een brief zodra je het werkelijke rendement mag doorgeven.

Beleggen met geleend geld

Beleg je (deels) met geleend geld? Dan pakt dat in box 3 meestal ongunstig uit. Voor overige bezittingen geldt in 2025 een forfaitair rendement van 5,88% (2026: 7,78%), terwijl het rendement voor schulden veel lager is: 2,62% (2026: 2,7%).

Bij 100%-financiering van een belegging is de waarde per saldo nul (bezitting = schuld), maar moet je toch een rendement aangeven van 3,26% (2026: 5,08%) over de waarde van de belegging. Dat geldt uiteraard alleen als je vermogen in box 3 boven de vrijstelling uitkomt.

Let op: de forfaitaire rendementspercentages voor banktegoeden en schulden worden pas na afloop van het kalenderjaar vastgesteld. In 2025 bedraagt het percentage voor schulden 1,44%, en in 2026 1,28% – hoger dan dat voor banktegoeden, maar veel lager dan dat voor overige bezittingen. Houd hier rekening mee bij de spreiding van je vermogen.

Goed om te weten: onderlinge vorderingen tussen partners en tussen ouders en minderjarige kinderen hoef je niet meer op te geven in de belastingaangifte. Dat geldt ook voor de bijbehorende schulden.

Wat betekent dit voor jou?

De aanpassingen in box 3 kunnen grote gevolgen hebben voor de hoogte van je belastingaanslag. Of het voordeliger is om het werkelijke rendement aan te tonen of het forfaitaire rendement te accepteren, hangt af van jouw persoonlijke situatie. Wil je weten wat in jouw geval het slimst is? We helpen je graag met een persoonlijke berekening, zodat je precies weet waar je aan toe bent.

Onze artikelen zijn puur informatief. Hieraan kunnen geen rechten worden ontleend.

Heb je vragen over jouw situatie? Neem dan altijd contact op voor een advies op maat.