Investeer je als ondernemer in een bedrijfsmiddel dat meerdere jaren meegaat, zoals een laptop, machine of bedrijfsinventaris? Dan mag je de aanschafkosten meestal niet in één keer als kosten opvoeren. Fiscaal geldt dat deze kosten moeten worden verdeeld over de economische levensduur van het bedrijfsmiddel. Dit noemen we afschrijven.
De hoofdregel is dat per jaar maximaal 20% van de aanschaffings- of voortbrengingskosten mag worden afgeschreven. Hierdoor bedraagt de minimale afschrijvingstermijn vijf jaar. Alleen wanneer de wet een uitzondering toestaat, bijvoorbeeld bij bepaalde investeringen of specifieke fiscale regelingen, kan hiervan worden afgeweken.
De afschrijving wordt berekend over de aanschafprijs exclusief btw, voor zover de ondernemer de btw als voorbelasting kan terugvragen. Kan de btw niet worden afgetrokken, bijvoorbeeld omdat sprake is van vrijgestelde prestaties, dan behoort de niet-aftrekbare btw wél tot de afschrijvingsbasis.
Daarnaast geldt dat niet op ieder bedrijfsmiddel onbeperkt mag worden afgeschreven. Voor gebouwen in eigen gebruik geldt bijvoorbeeld een bodemwaarde, waardoor afschrijven niet mogelijk is onder een bepaald niveau. Ook grond is niet afschrijfbaar, omdat deze in principe geen beperkte gebruiksduur heeft.
Laptop volledig afschrijven? Niet als de btw aftrekbaar is
Een ondernemer koopt een laptop, tablet en accessoires voor € 2.934 exclusief btw (€ 3.551 inclusief btw). In zijn aangifte inkomstenbelasting neemt hij het volledige bedrag inclusief btw als afschrijvingskosten op. De Belastingdienst corrigeert dit in de definitieve aanslag.
Na bezwaar staat de inspecteur uiteindelijk € 711 aan afschrijvingskosten toe. De ondernemer vindt dat hij recht heeft op een hogere afschrijving en stapt naar de rechter.
De rechtbank geeft de Belastingdienst gelijk. Omdat de ondernemer de btw op de aanschaf heeft teruggevraagd, behoort deze btw niet tot de afschrijvingsbasis. De afschrijving moet daarom worden berekend over € 2.934 exclusief btw. Bij een maximale afschrijving van 20% per jaar komt dat uit op € 587. De inspecteur had met de toegestane € 711 zelfs al méér toegestaan dan wettelijk mogelijk was. De ondernemer kreeg daarom geen gelijk.
Let op de juiste afschrijvingsbasis
Deze uitspraak laat zien dat de afschrijvingsregels strikt worden toegepast. Vooral bij kleinere investeringen wordt nog wel eens uitgegaan van het factuurbedrag inclusief btw, terwijl dat alleen juist is wanneer de btw niet aftrekbaar is. Door vooraf de juiste afschrijvingsbasis te bepalen, voorkom je correcties en discussies met de Belastingdienst.
