Op Prinsjesdag zijn verschillende fiscale maatregelen voor de komende jaren bekendgemaakt. Een deel van deze voorstellen heeft specifiek gevolgen voor ondernemers en ondernemingen. Hieronder zetten we een aantal belangrijke wijzigingen op een rij.
Afschaffen startersaftrek
De startersaftrek is een extra aftrekpost voor startende ondernemers in de inkomstenbelasting. Onder voorwaarden kan een ondernemer in de eerste vijf jaar van de onderneming maximaal drie keer gebruikmaken van deze aftrek.
De startersaftrek bedraagt momenteel maximaal € 2.123. Per 1 januari 2027 wordt deze verlaagd naar € 10 en vanaf 1 januari 2028 wordt de regeling volledig afgeschaft. Ook de mogelijkheid voor starters om bepaalde investeringen willekeurig af te schrijven, komt per 2028 te vervallen.
Startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid
Ook de startersaftrek voor ondernemers met een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt naar verwachting afgeschaft, per 1 januari 2029. Deze regeling is bedoeld voor ondernemers die niet voldoen aan het reguliere urencriterium van 1.225 uur, maar wel minimaal 800 uur per jaar aan hun onderneming besteden.
Momenteel bedraagt de maximale aftrek € 12.000 in het eerste jaar, € 8.000 in het tweede jaar en € 4.000 in het derde jaar.
Versoberen en afschaffen meewerk- en stakingsaftrek
De meewerkaftrek en stakingsaftrek worden naar verwachting vanaf 2027 fors versoberd en uiteindelijk per 2030 afgeschaft.
De meewerkaftrek is bedoeld voor IB-ondernemers van wie de partner onbetaald meewerkt in de onderneming. De hoogte van de aftrek is afhankelijk van het aantal uren dat de partner meewerkt.
De stakingsaftrek geldt voor ondernemers die stoppen met hun onderneming en vermindert onder voorwaarden de belastbare stakingswinst. De maximale stakingsaftrek bedraagt momenteel € 3.630. In 2027 wordt dit bedrag verlaagd naar € 908.
Verhoging energie-investeringsaftrek (EIA)
Het aftrekpercentage van de energie-investeringsaftrek (EIA) wordt per 1 januari 2027 verhoogd van 40% naar 45,5%.
Met de EIA kunnen ondernemingen een deel van hun investeringen in energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie aanvullend aftrekken van de fiscale winst. Door het hogere aftrekpercentage worden dergelijke investeringen fiscaal aantrekkelijker.
Afschaffen bosbouwvrijstelling
De bosbouwvrijstelling wordt naar verwachting per 1 januari 2029 afgeschaft. Deze regeling stelt voordelen uit een bosbedrijf vrij van inkomsten- of vennootschapsbelasting. Voor de afschaffing is geen overgangsregeling voorzien.
Uit onderzoek blijkt volgens het kabinet dat de vrijstelling onvoldoende doeltreffend en doelmatig is. Bosbouwbedrijven zijn vaak beperkt winstgevend en maken daardoor relatief weinig gebruik van de vrijstelling. De regeling wordt vaker gebruikt door andere ondernemingen die daarnaast bos bezitten.
Een deel van de opbrengst van de afschaffing wordt via de begroting van het Ministerie van LVVN ingezet voor natuurbeleid.
Verruiming MKB-forfait innovatiebox
De vennootschapsbelasting kent een forfaitaire regeling om de innovatiebox toegankelijker te maken voor het midden- en kleinbedrijf. Bij toepassing van deze regeling wordt 25% van de winst aangemerkt als voordeel uit kwalificerende immateriële activa en belast via de innovatiebox.
Momenteel geldt hiervoor een maximum van € 25.000 per jaar per belastingplichtige. Het kabinet stelt voor dit maximumbedrag per 1 januari 2027 te verhogen naar € 100.000.
De forfaitaire regeling kan worden toegepast in het jaar waarin het immateriële activum ontstaat en in de twee daaropvolgende jaren.
