De overheid stelt elk jaar opnieuw vast wat de AOW-leeftijd wordt. Daarbij wordt gekeken naar de gemiddelde levensverwachting op 65-jarige leeftijd. Voor 2031 is nu bekendgemaakt dat de AOW-gerechtigde leeftijd 67 jaar en drie maanden blijft. Ook de leeftijd waarop iemand begint met het opbouwen van AOW verandert niet en blijft 17 jaar en drie maanden. Deze leeftijden zijn gelijk aan die voor 2030.
Ontwikkeling van de levensverwachting
De AOW-leeftijd is gekoppeld aan de stijging van de levensverwachting. Neemt de levensverwachting toe, dan telt dat voor tweederde mee in een hogere AOW-leeftijd, met een maximum van één jaar per vijf jaar. Een eenmaal vastgestelde AOW-leeftijd kan daarna niet meer worden aangepast, ook niet als de levensverwachting later anders uitpakt.
Pensioenrichtleeftijd blijft in 2027 op 68 jaar
Naast de AOW-leeftijd speelt ook de zogenoemde pensioenrichtleeftijd een rol. Die wordt eveneens bepaald op basis van de levensverwachting, maar kijkt vooruit naar het jaar 2037. Voor 2027 blijft deze richtleeftijd 68 jaar. Sinds de invoering van de Wet toekomst pensioenen (1 juli 2023) is de fiscale pensioenrichtleeftijd alleen nog relevant voor overgangsrecht.
Wat betekent dit voor jou als ondernemer?
Deze vaststellingen geven duidelijkheid voor de komende jaren. Voor ondernemers die hun financiële planning of pensioenopbouw willen afstemmen op de AOW-leeftijd, verandert er voorlopig niets. Dit kan prettig zijn voor het maken van langetermijnplannen, bijvoorbeeld rondom je eigen oudedagsvoorziening of het opstellen van een pensioenregeling voor personeel. Wil je sparren over jouw persoonlijke situatie of de gevolgen voor je onderneming? Wij denken graag met je mee.
